Het is vrij veel in het nieuws geweest: door de nieuwe Wet
Auteurscontractenrecht die sinds 1 juni van dit jaar geldt, is de positie van
schrijvers, componisten en muzikanten verbeterd. In deze wet zijn namelijk
regels over ‘exploitatieovereenkomsten’ opgenomen. Wat dat zijn en wat er door
de wet is veranderd, lees je in deze blog.

Wat zijn exploitatieovereenkomsten?
Een
exploitatieovereenkomst ziet op het toegankelijk maken (‘exploiteren’) van
werken voor het publiek. Veel schrijvers, componisten en muzikanten zijn voor de exploitatie van hun werken
afhankelijk van uitgevers of platenmaatschappijen. Om de exploitatie van hun
werken (zoals boeken of muziek) mogelijk te maken, verlenen zij
exploitatiebevoegdheden aan organisaties als LIRA of Buma/Stemra.

Er is geen sprake van een exploitatieovereenkomst wanneer een werk in opdracht van een ander is gemaakt, en het werk alleen is bedoeld voor gebruik door die ander’

Er is geen sprake van een exploitatieovereenkomst wanneer een werk in
opdracht van een ander is gemaakt, en het werk alleen is bedoeld voor gebruik
door die ander. Denk hierbij aan logo’s, huisstijl, websites,
productverpakkingen, (foto) illustraties en jingles. Daarnaast gelden de regels
niet als de werkgever als de maker kan worden aangemerkt. Als je bijvoorbeeld als
freelance fotograaf opdrachten uitvoert, of als je als designer in dienst van een modehuis kleding
ontwerpt, is er dus geen sprake van
een exploitatieovereenkomst. Omdat deze nieuwe wet wel regelmatig wordt
genoemd, bespreek ik hierna de belangrijkste veranderingen.

Wat zijn de belangrijkste veranderingen?


1. Maker heeft recht op een (aanvullende)
billijke vergoeding

De maker heeft recht op een in de overeenkomst te bepalen ‘billijke
vergoeding’ voor het verlenen van exploitatiebevoegdheden. De hoogte van deze
vergoeding is afhankelijk van alle omstandigheden van het geval. De wetgever
geeft hier geen nadere invulling aan.

Daarnaast heeft de maker recht op een aanvullende billijke vergoeding,
wanneer zijn werk via een onbekende exploitatievorm wordt aangeboden. Er is
sprake van een ‘onbekende’ exploitatievorm als deze exploitatie bij het sluiten
van de overeenkomst nog niet bekend was.

2. Bestsellerbepaling

De maker heeft ook recht op een aanvullende billijke vergoeding, wanneer de
overeengekomen vergoeding een ernstige onevenredigheid vertoont in verhouding
tot de opbrengst van de exploitatie van het werk (‘bestsellerbepaling’).
Wanneer een schrijver bijvoorbeeld voor zijn boek een zeer kleine vergoeding
ontvangt van zijn uitgever, en zijn boek vervolgens een bestseller wordt, heeft
de schrijver recht om daarvan mee te profiteren.

3. Non-usus bepaling

De maker kan de overeenkomst ontbinden wanneer de exploitant zijn werk niet binnen een redelijke
termijn in voldoende mate exploiteert, of niet langer in voldoende mate
exploiteert. Een exploitatieovereenkomst is ervoor bedoeld dat de exploitant
het werk onder de aandacht brengt bij een publiek, en door deze bepaling wordt
de exploitant geprikkeld dat ook echt te doen.

‘Een bepaling waarbij royalties worden gebaseerd op bruto bedragen waarop onbeperkt aftrekposten in mindering kunnen worden gebracht, zodat netto niets aan de maker wordt uitgekeerd, is onredelijk bezwarend’


4.Onredelijk bezwarende bedingen vernietigbaar


De maker
kan
een beding waarin voor een onredelijk lange of onvoldoende bepaalde termijn
aanspraken worden bedongen voor de exploitatie van nog niet bestaande
(toekomstige) werken, en andere onredelijk bezwarende bedingen, vernietigen. Zo
is een bepaling waarbij royalties worden gebaseerd op bruto bedragen waarop
onbeperkt aftrekposten, zoals promotiekosten, in mindering kunnen worden
gebracht, zodat netto niets aan de maker wordt uitgekeerd, onredelijk bezwarend.

Ook de zogeheten kickbackregeling op grond waarvan een maker de vergoeding die
hij van een collectieve beheersorganisatie heeft ontvangen, gedeeltelijk moet
terugbetalen aan de opdrachtgever, kan onredelijk bezwarend zijn. Hiermee wordt
namelijk het hele systeem van collectief beheer omzeild, en dat is natuurlijk
niet de bedoeling.

Geen afstand van rechten
De bepalingen uit de Wet auteurscontractenrecht zijn van dwingend recht.
Dit betekent dat er niet contractueel van kan worden afgeweken. Tot slot zijn
sommige bepalingen, waaronder de non-usus bepaling en het vernietigen van
onredelijk bezwarende bedingen, ook met terugwerkende kracht van toepassing op
overeenkomsten die vóór 1 juli 2015 zijn gesloten.

Tekst en beeld: Marieke Neervoort